gtag('consent', 'update', {'ad_user_data': 'granted','ad_personalization': 'granted','ad_storage': 'granted','analytics_storage': 'granted' });

#1 in salarisverwerking voor arbeidsmigranten

Besparen op AWF-premie

logo belastingdienst.jpg

Werkgevers profiteren van een lagere AWF-premie (hierna WW-premie genoemd) wanneer zij werknemers in vaste dienst hebben.

Deze regeling is bedoeld om vaste contracten met een vaste arbeidsomvang per week, aantrekkelijker te maken dan tijdelijke contracten met flexibele arbeidsomvang per week. De lage WW-premie bedraagt 2,74% (bij vaste contracten), de hoge WW-premie 7,74% (bij tijdelijke contracten). Bij een verloning rondom het minimumuurloon scheelt dit de werkgever ongeveer € 0,70 per gewerkt uur aan kosten. Echter heeft de toepassing van de lage WW-premie een belangrijke voorwaarde waar niet iedereen zich bewust van is.

Wanneer een werknemer structureel meer uren werkt dan in het vaste contract met vaste arbeidsomvang staat opgenomen, kan dit invloed hebben op de toepassing van de lage WW-premie. Worden er over het kalenderjaar meer dan 30 procent extra uren verloond ten opzichte van de overeengekomen arbeidsduur, dan moet de lage premie worden herzien naar het hoge percentage. Deze herziening werkt bovendien terug over het volledige jaar en geldt voor alle verloonde uren.

De reden hierachter is dat een werknemer die structureel veel meer werkt dan contractueel is afgesproken in feite geen vaste arbeidsomvang heeft. De overheid vindt dat dit niet past bij de bedoeling van de lage WW-premie, die juist bedoeld is voor een vaste, stabiele arbeidsomvang.

Een voorbeeld maakt dit duidelijker. Stel een medewerker heeft een contract voor 20 uur per week. Over het kalenderjaar worden gemiddeld 28 uur per week gewerkt. Dat is 8 uur extra per week en komt neer op een stijging van 40 procent ten opzichte van de contracturen. De grens van 30 procent wordt hiermee overschreden. De lage WW-premie moet worden herzien naar de hoge premie, met terugwerkende kracht tot en met alle gewerkte uren van dat jaar. Dit kan leiden tot een aanzienlijke naheffing.

Er is één belangrijke uitzondering. Voor werknemers met een gemiddelde arbeidsduur van minimaal 30 uur per week geldt deze herzieningsregel niet. De werknemer heeft voldoende (financiële) zekerheid doordat hij in ieder geval 30 uur per week als vaste arbeidsomvang heeft.

Het is daarom verstandig om gedurende het jaar goed te monitoren hoeveel uren er daadwerkelijk worden gewerkt. Structureel overwerk, vervanging tijdens ziekte of extra inzet in drukke periodes kunnen ongemerkt tot een overschrijding van de 30 procent grens leiden. Door tijdig bij te sturen voorkom je dat je achteraf wordt geconfronteerd met een hoge WW-premie.